Angus Óg
De god van liefde en jeugd. Angus (Oengus) was de zoon van Dagda en Boann. Hij stond ook bekend als Angus de Jonge of Mac Óc. Angus woonde te Brugh na Bóinne.
Angus verscheen als Mac Oc in het Boek van Invasies en de Tweede Slag bij Mag Tuired, waar zijn wijsheid Dagda redde van de hongerdood. Zie De Tyrannie van Bres.
Het bekendste verhaal over Angus was de Aislinge Oenguso (De Droom van Angus). Angus werd verliefd op een mooie maagd die hij in zijn droom had gezien, nabij een meer, omringd door vijftig metgezellen. Hij werd ziek van verlangen naar dit onbekende meisje. Zijn ouders maakten zich zorgen over zijn gezondheid en zochten naar de identiteit van het meisje.
Haar naam was Caer Iborméith (Caer Ibormeith), dochter van Ethal Anbúail, de Danann-koning in Connacht. Angus ontdekte dat Caer het ene moment de gedaante van een zwaan kon aannemen en het volgende een menselijke vorm. Angus ging naar het meer om haar zijn liefde te verklaren. Hij werd in een zwaan veranderd en samen vlogen ze weg. Caer had duidelijk zijn liefde geaccepteerd.
In de Fenian Cyclus was Angus de pleegvader van de Fenian-held Díarmait, die de zoon was van Don en de vriend van Finn Mac Cumhaill. Tweemaal toen Diarmait en Gráinne in de val zaten door Finns mannen, had Angus Gráinne weggevoerd terwijl Diarmait op eigen heldhaftige kracht ontsnapte. Uiteindelijk kon Angus zijn pleegzoon echter niet redden toen Diarmait dodelijk werd verwond door een wild everzwijn, zoals de profetie of geis had voorspeld. Angus nam het lichaam met zich mee, waar het voor bederf werd behouden en af en toe met Angus sprak.
