Goídel Glas

Celtic

Voorvader van de Milesiërs. Goídel Glas was de zoon van Niúl, zoon van Fénius Farsaid, en Scota, dochter van de Egyptische farao. (Zie genealogie van de Pre-Milesiërs.)

Het verhaal over de voorvaderen van Míl, zoals verteld in de Lebor Gabála (of het Boek van Invasies), is vermengd met de Bijbel, met name Genesis en Exodus. Volgens dit verslag was de grootvader van vaderskant van Goídel Glas, Fénius Farsaid, de zoon van Jafeth en de kleinzoon van Noach. Fénius leefde tijdens de verwarring van talen bij de Toren van Babel (Genesis 11). Fénius migreerde naar de Russische steppes, in de regio Scythië, waar hij koning werd. Ze maakten Fénius ook een tijdgenoot van Mozes (wat hem belachelijk veel ouder zou maken dan wie dan ook in de Bijbel!)

De zoon van Fénius migreerde naar Egypte, waar hij trouwde met de dochter van de farao, Scota (niet te verwarren met een andere Scota die met Míl trouwde). Zij werden de ouders van Goídel.

Toen Goídel nog een zuigeling was, stierf hij bijna aan het gif van een slangenbeet. Het was Mozes die Goídel redde en genas door de baby aan te raken met zijn staf. Het was Mozes die Goídel de bijnaam Glas gaf, wat ‘groen’ betekent, omdat de giftige beet een groene achtergebleven had op de baby. Mozes voorspelde ook dat de nakomelingen van Goídel op een dag zouden leven in een land waar geen slangen waren (duidelijk een verwijzing naar Ierland).

Onderwijs van zijn grootvader was Goídel verantwoordelijk voor de schepping van de Goidelische of Gaelische talen, waaronder het Iers, Schots en Manx.

Gerelateerde informatie

Naam

Goídel, Goidel, Gael.

Goídel Glas.

Eponiem

Goídel – Gaels.

Gerelateerde artikelen

Aangemaakt:8 november 1999

Gewijzigd:3 mei 2024